Het klimteam

Monumentenwacht Utrecht heeft een eigen klimteam, die inspecties op hoogte uitvoert. Bij veel bijzondere objecten is een inspectie alleen goed uit te voeren door te abseilen. Al hangend aan touwen kunnen de wachters controles en klein werk uitvoeren, zoals het (voorlopig) vastzetten van loszittende stenen en voegen of het repareren van leien. 

Het inspectiewerk op grote hoogte brengt veel risico’s met zich mee. De wachters zijn dan ook speciaal hiervoor opgeleid en volgen jaarlijks trainingen om de veiligheid te kunnen blijven waarborgen.

 

Vakwerk op hoogte
Interview met Marc Diemel, lid klimteam, over het inspecteren door middel van abseilen.

 

“Stalen zenuwen heb je nodig”, zegt Marc Diemel. “Het is niet alleen fysiek, maar ook mentaal zwaar werk. Je moet in alle situaties rustig kunnen blijven en volledig op je collega’s vertrouwen. Als er bijvoorbeeld een touwbeschermer van je werklijn afglijdt, moet je kalm blijven en overstappen op de lijnen van je partner-klimmer. Als je van angst op slot schiet, loopt het fout af.”

Het is niet vanzelfsprekend om over een klimteam te beschikken. Er zijn serieuze investeringen voor nodig en ook het onderhouden van zo’n team is kostbaar. Monumentenwacht Utrecht is echter overtuigd van de voordelen. Het alternatief is de hoogwerker, maar daarmee kom je niet altijd voldoende dicht bij het gebouw. Daarbij kan overal nauwkeurig worden geïnspecteerd en kunnen ook reparaties worden uitgevoerd. Zonder steigers, zonder hoogwerkers. Dat scheelt de opdrachtgever geld.

Om het klimwerk minder belastend te maken, is er een winch aangeschaft. Dit apparaat, dat ook vaak touwbrommer wordt genoemd, kan een afgedaalde wachter weer omhoog trekken. Deze hoeft dan na het abseilen niet via vaak steile en ongelijke trappen en andere hindernissen op eigen kracht terug te klimmen naar het startpunt. Dat scheelt niet alleen tijd; het voorkomt ook blessures. 

“Een kerktoren is eigenlijk alleen goed te inspecteren door te abseilen. Bij sommige torens is het ook de enig mogelijke manier. Bijvoorbeeld omdat er geen plaats is om een hoogwerker of kraan te positioneren. Of omdat daarmee bepaalde plaatsen niet bereikt kunnen worden, vanwege de vorm van de toren”, vervolgt Marc. “Het controleren van voegwerk, het (voorlopig) vastzetten van loszittende stenen en het repareren van leien: met de klimmethode neem je dat allemaal mee. Daarmee voorkom je ernstige vervolgschade. Als je pas ingrijpt als het water de toren binnenkomt, is de schade vaak al aanzienlijk.”

Voordat het klimteam op pad gaat, worden de vooraf in kaart gebrachte risico’s van het object doorgesproken met iedereen die aan de inspectie en eventuele herstelwerkzaamheden meewerkt, vertelt Marc. “Ook ter plekke doen we nog een analyse, want van tevoren kun je nooit alles voorzien – en zeker niet de weersomstandigheden. Pas als iedereen die mee omhoog gaat, instemt met de te volgen werkwijze, gaan we aan de slag. Als iemand het niet vertrouwt, stellen we onze plannen bij.”

Marc besluit met een tip voor kerkbesturen. “Op het aanbrengen van veiligheidshaken wordt nog wel eens bezuinigd. Vooral na het vernieuwen van de dakbedekking heeft men soms het idee dat deze voorzieningen niet meer nodig zijn. Maar dat is op de korte termijn gedacht. Op den duur zullen er altijd pannen of leien moeten worden vervangen. Bovendien kan bij storm ook een pas vernieuwd dak worden beschadigd. Met goede en goed aangebrachte haken kunnen wij op ieder moment een inspectie uitvoeren en problemen zoals lekkage voorkomen of verhelpen. Dat is wel zo’n veilig idee.”


Marc Diemel; training in klimhal rond veiligheid
Elk jaar worden in de klimhal trainingen gehouden rond veiligheid, EHBO en bedrijfshulpverlening-op-hoogte.